Terug naar Actueel

Zorgboerderij De Dobbelshoeve in het Brabantse Heeswijk Dinther is op een woensdagochtend in juni één grote kleurenpracht. Zowat op ieder hoekje stralen bloemen en vruchten je tegemoet. Het is dé grote passie van zorgboer Jeroen Dobbelsteen en medewerker Rens Janssen, die graag de zorg vormgeven in een natuurlijke omgeving. Op de zorgboerderij komen dagelijks 15 jong volwassenen, voornamelijk met een verstandelijke beperking.

 ‘Het ritme op de boerderij geeft mij houvast’ lijkt wel de basis van de zorg op deze zorgboerderij. Met een roulerende kantine- tuin- en dierendienst bepalen de werkzaamheden de activiteiten van de dag. Jeroen: “De tuin, de dieren en de dagelijks te maken soep geven ieder iets nuttigs en prettigs om te doen, waar we samen ook weer de vruchten van plukken. We proberen alles op dit erf circulair te doen: we verbouwen onze eigen groenten en fruit, we houden kippen, geiten, koeien en varkens, en het stro en het veevoer komt zoveel mogelijk van eigen land. De kippen composteren ons groenafval en op de compost kweken we weer allerlei groentes en bloemen.”

Opvallend aan het erf is dat de structuur van het voormalige melkveebedrijf nog overeind staat: de oude ligboxenstal huisvest voor de ene helft koeien die moeten afkalveren, en is voor de andere helft recreatieruimte. De grote ronde mestopslag is nu wateropvang met 200 kuub water, wat via een ingenieus druppelslangensysteem jaarrond voor water bij de planten zorgt. De voormalige sleufsilo’s zijn verrijkt met compost en vormen nu groentebedden, de wanden ervan en de lange schuurwanden zijn voorzien van (klim)planten. In een grote kas worden tomaten gekweekt, in een andere worden buitenplanten voorgezaaid en opgekweekt. Weelderige rijen met groenten, bloemen en pompoenen kleden de randen aan.

De randen tussen pad en schuur bestaan uit een soort ruggen. Jeroen: “Dit zijn hügelbedden. Ze zijn opgebouwd uit takken, bladeren en compost. Ze zorgen voor meer teeltoppervlak, houden water vast, en door blijvende compostering komt er warmte vrij wat het groeiseizoen verlengt. Ook geeft het hout langjarig voedingsstoffen af, waardoor de bedden lang vruchtbaar blijven. Door er smeerwortel naast te laten groeien en dit regelmatig te plukken en als mulch op de bedden te gooien, blijft de organische stof zich opbouwen. We doen allerlei proeven. Op het moment kijken we of aardappels in bladmulch boven de grond het net zo goed doen als onder de grond.”

Jeroen en broer Stefan namen het bedrijf in 2011 over van hun ouders Jan en Betsie, die altijd een melkveebedrijf hadden. Opa en oma wonen nog op het erf, Jeroen woont in het dorp een steenworp verderop. Op de zorgboerderij combineert Jeroen zijn eerdere ervaringen in horeca, groen en zorg. Stefan heeft er profijt van zijn pedadgogische achtergrond en Jan zorgt nog altijd voor het vee, tegenwoordig Black Angus zoogkoeien, Alpine geiten en bonte schapen. Rens kende Jeroens vrouw Jasmijn al lang en kwam als begeleider op het erf, nadat hij een tijd elders als woonbegeleider werkte. Rens heeft ook groene ideeën én groene vingers en neemt de deelnemers er graag in mee. “Gijs vindt het bijvoorbeeld een heerlijk klusje om de akkerwindes weg te halen en de kippen het groenafval te brengen, waar ze in een mum van tijd compost van maken. Deelnemers Stefanie en Jeroen mesten graag de wei uit en maken contact met de pony’s en schapen. De mest van de paarden gebruiken we om pompoenen op te kweken. De mest kan zo de grond in, pompoen erop en klaar is kees. Met de oogst is er veel handenwerk, en daarna begint het inmaken. We benutten nu nog alles zelf en geven deelnemers groenten en fruit mee naar huis, in de toekomst maken we misschien een winkeltje aan de weg. Ook eten de vogels en andere wilde dieren hun deel. Om zichtbaar te maken hoe alles met elkaar samenhangt, wil ik borden maken met de kringlopen.” Dat kan ook makkelijk op eigen erf, waar deelnemer Michel al eigenhandig kippenhokken aan het bouwen is.

Jeroen wil de permacultuurprincipes die uitgaan van circulaire systemen en vaste planten nog verder uitdiepen. “We melken de geiten voor eigen gebruik. De plant kardoen kun je als stremsel gebruiken om kaas te maken. Die plant groeit op de mest van de geiten. Zo proberen we de systemen te verbinden. Ik vind het ook een uitdaging om de kennis over te dragen, en om steeds maar weer creatief met buiten bezig te zijn. Samen nieuwe plannen bedenken en uitvoeren en hiervan leren.”

Opa had er in 2011 wel wat moeite mee dat zijn zoons het roer wilden omgooien en van het reguliere melkveebedrijf een zorgboerderij wilden maken, maar is er nu helemaal content mee. “De eerste jaren vond ik het een beetje raar, maar nu zie ik wat de natuur er allemaal voor teruggeeft. Ik was altijd al natuurboer, met solitaire eiken langs de percelen en met oog voor de bodem, maar nu zie ik wat er allemaal nog meer kan. De soortenrijkdom is enorm, ook hier in het grasland. Wat me opvalt is dat veel boeren de paardenbloemen wegspuiten, maar dat koeien als ze de keuze hebben hier het eerste van eten. Ook de klaver vinden ze heerlijk. Dit is ook nog eens een natuurlijke stikstofvoorziening. We zorgen dat het land niet over begraasd wordt. Koeien, pony’s en schapen krijgen elke paar dagen een ander vak.” Naast de weilanden ligt een eigen sloot, waar ook van alles leeft. “Omdat het niet van het waterschap is, hoeft het niet gebaggerd te worden. We zien er van alles leven.”

Het meest trots is hij op de steenuilen, die ieder jaar een nest grootbrengen op een rommelhoekje in het land, waar brandnetels en ander onkruid welig tieren. “Dat geeft niks, we zetten hier af en toe varkens neer, die ruimen alles op en geven een mooi stukje vlees.”

Voor deelneemster Stefanie zijn de pony’s het belangrijkste. Zij lopen in een paddock paradise, wat inhoudt dat ze een looppad hebben met her en der hooinetten, en een paar ruige grasveldjes waar ze een paar uurtjes in te mogen. Het geheel wordt omzoomd door knabbelhagen met hazelaar, meidoorn, wilde roos en andere soorten. In het midden is een poel gegraven waar kikkers, salamanders en padden hun habitat vinden. De uitgegraven grond is in een halve cirkel ernaast geplaatst, waar nu diverse inheemse planten groeien, zoals hazelaar, liguster, wilde appel, kornoelje meidoorn en roos. “Door verschillende vochtgehaltes en lichtinval krijg je een grote soortenrijkdom. Hier mag de natuur lekker zijn eigen gang gaan”, zegt Jeroen.

Ook voor de deelnemers zijn er diverse hoekjes gecreëerd. Een halve cirkel met keien bij de pony’s is Stefanies favoriete plekje. Hier kan ze lekker met de pony’s kroelen. Er zijn er her en der zitjes, er is een timmerschuur en een recreatieruimte voor de winter, voorzien van tafeltennis en biljart. Ook is er verderop in de weilanden een vogelkijkstoel en een meer afgelegen picknickplek om tot rust te komen.

“Zo kunnen we elk seizoen maximaal beleven. Samen vormen we een gemeenschap, met onze familie, de medewerkers, de vrijwilligster, de deelnemers en de planten en dieren”, besluit Jeroen.