Terug naar Actueel

De Zorgstandaard Dementie 2026 biedt een actuele gezamenlijke visie op goede ondersteuning en zorg voor mensen met dementie en hun naasten. De focus verschuift van (medische) zorg rondom de ziekte naar het ondersteunen van mensen met dementie en hun naasten om zo goed mogelijk te leven met dementie.

Meer dan 40 organisaties uit de zorg, het welzijn en het sociaal domein hebben de geactualiseerde standaard onderschreven, waaronder de Federatie Landbouw en Zorg. De Zorgstandaard Dementie 2026 is op vrijdag 19 juni ingediend bij het Zorginstituut en vervangt de eerdere versie uit 2020.

Enkele dagen voor de indiening heeft Tamara van Ark, onafhankelijk voorzitter van de Zorgstandaard Dementie en voorzitter van de Federatie Landbouw en Zorg, de conceptversie aangeboden aan Mirjam Sterk.

“Mooi om te zien dat er ook goed is gekeken naar de wensen en behoeften van de mensen met dementie en hun naasten zelf”, vond minister Mirjam Sterk

Dementie is meer dan een medisch vraagstuk

Dementie is een ingrijpende en ongeneeslijke ziekte die mensen in verschillende levensfasen kan treffen. Waar eerdere versies van de zorgstandaard vooral de nadruk legden op de medische kant van dementie, kijkt de nieuwe standaard breder: dementie is ook een sociaal-maatschappelijk vraagstuk.

De Zorgstandaard Dementie 2026 beschrijft wat nodig is om mensen en hun naasten gedurende het hele ziekteproces goed te ondersteunen: vanaf de eerste signalen en de niet-pluisfase tot aan de laatste levensfase met dementie. Voor iedere fase zijn aanbevelingen opgenomen, bijvoorbeeld over vroegsignalering en respijtzorg.

Een samenhangende aanpak

De nieuwe zorgstandaard is opgebouwd rond drie samenhangende uitgangspunten:

1. Mensen met dementie en hun naasten staan centraal
Iedereen is anders en heeft eigen waarden, wensen en mogelijkheden. Naasten krijgen nadrukkelijk een eigen positie binnen de ondersteuning. Zij worden gezien als volwaardige gesprekspartners met eigen behoeften en vragen.

2. Persoons- en relatiegericht werken
Goede ondersteuning sluit aan bij het levensverhaal, de dagelijkse gewoonten en de sociale omgeving van iemand met dementie. Omdat relaties en rollen gedurende het ziekteproces kunnen veranderen, blijft aandacht voor wat betekenisvol is essentieel.

3. Een inclusieve samenleving
Mensen met dementie moeten kunnen blijven deelnemen aan de samenleving. Dat vraagt om begrip, toegankelijkheid en betrokkenheid van professionals, buurtgenoten en sociale netwerken.

Aandacht voor verschillen tussen mensen

De Zorgstandaard Dementie 2026 houdt rekening met verschillen tussen mensen en is daarmee diversiteitssensitief. Zo is er aandacht voor onder meer mensen met dementie op jonge leeftijd, mensen met een migratieachtergrond en mensen die moeite hebben met lezen en schrijven. Door beter aan te sluiten bij persoonlijke omstandigheden ontstaat ondersteuning die passender en effectiever is.

Randvoorwaarden voor goede ondersteuning

Om de zorgstandaard in de praktijk succesvol toe te passen, zijn drie randvoorwaarden belangrijk:

  1. Proactieve zorgplanning vanaf de niet-pluisfase
    Door vroegtijdig gesprekken te voeren over wensen en behoeften kunnen mensen langer de regie houden over hun leven en zorg.
  2. Casemanagement dementie als herkenbaar aanspreekpunt
    Mensen met dementie en hun naasten hebben behoefte aan een deskundig professional die hen ondersteunt gedurende het hele traject.
  3. Regionale samenwerking tussen zorg, welzijn en sociaal domein
    Dementie raakt alle onderdelen van het dagelijks leven. Goede ondersteuning vraagt daarom om samenwerking tussen verschillende organisaties en disciplines.

Van zorgen voor naar samen leven met dementie

Met de Zorgstandaard Dementie 2026 zetten we een belangrijke stap richting een samenleving waarin mensen met dementie niet alleen passende zorg ontvangen, maar ook ruimte houden om hun leven op hun eigen manier voort te zetten.